​Het gebruik van populaire sport-apps zonder begeleiding is te eenzijdig en werkt daardoor blessures in de hand, zegt sporthoogleraar Steven Vos van de TU in Eindhoven. Dergelijke apps worden op grote schaal gebruikt om te kunnen meten hoe je conditie vooruitgaat. Hierbij word je aangemoedigd om je grenzen te verleggen.

Vos, die vandaag hierover de resultaten van een onderzoek presenteert, benadrukt dat er niets mis is met de apps. Wel stelt hij vraagtekens bij de eenzijdige benadering. "In de app zit geen coach zoals je die op het sportveld of in de sportschool hebt. Daarnaast is er veel minder sociale steun. Veel mensen die dat soort apps gebruiken, sporten alleen, waardoor de kans op afhaken veel groter is."

Blessures
De apps hebben volgens Vos geen 'persoonlijke coach' die mensen vertelt hoe ze moeten sporten. Daardoor kunnen er eerder blessures ontstaan. Hij benadrukt dat mensen niet moeten stoppen met het gebruik van dergelijke apps. "Ik wil ze vooral bewustmaken van de beperkingen."

"Mensen moeten altijd goed nadenken bij het gebruik van zo'n app", zegt Bram van der Leij van de Atletiek Unie. "Wat we uit eigen ervaring weten is dat met begeleiding trainen leidt tot minder uitval en een beter resultaat."

Nike wil niet inhoudelijk op de zaak ingaan, maar stelt wel dat er een 'coach' aanwezig is in de app en dat sporters elkaar kunnen motiveren. Twee andere populaire apps, Runkeeper en Strava, reageerden niet op vragen van de NOS. 

Onderzoek
Vos deed de afgelopen drie jaar onderzoek onder 30.000 mensen. Zij werden op allerlei momenten bevraagd, zoals tijdens hardloopwedstrijden waar ze aan meededen.

Er is volgens Vos geen keihard bewijs dat de apps leiden tot blessures, maar ze maken het risico wel groter omdat ze gebruikers onvoldoende zouden voorlichten. Dat kan wat hem betreft stukken beter.

De sporthoogleraar heeft zelf een alternatief ontwikkeld. "Ik presenteer vanmiddag een app die veel meer kijkt naar de persoon die sport." De app verzamelt hiervoor veel meer data over het gedrag en dat moet volgens hem een persoonlijker alternatief opleveren.

"Stel je voor dat de app ontdekt dat je vaak stopt met hardlopen als het begint te regenen of als het kouder wordt. Dan kan de app bijvoorbeeld met Buienradar advies geven over waar en wanneer je droog kan rennen"

Dat betekent ook dat de app veel informatie over de sporter en zijn omgeving nodig heeft en dat roept privacyvragen op. Volgens Vos worden die deels opgevangen doordat er een ander verdienmodel aan gekoppeld zit dan bij andere sport-apps. De informatie van gebruikers zal niet worden verkocht aan adverteerders.

Of zo'n app echt helpt vindt Van der Leij lastig vast te stellen. "Ik denk dat technologie steeds belangrijker gaat worden, maar we hebben nu nog geen bewijs dat dit bevestigt. Het is goed mogelijk dat dit de komende jaren verandert."

Vermarkten
Hoe de app wordt vermarkt weet de hoogleraar nog niet. Hij kan zich wel voorstellen dat het bijvoorbeeld wordt aangeboden door een zorgverzekeraar. Wat ook vragen oproept over wat die dan wel en niet te zien krijgt. "Daar moeten dan duidelijk afspraken over worden gemaakt", zegt Vos.

Mocht de app op de markt komen, dan verdient Vos daar naar eigen zeggen niets aan. "Financiële inkomsten zijn niet ons doel, het gaat mij vooral om de data die de app oplevert. Daarmee kunnen we ons onderzoek verder uitvoeren."

Kritiek op sport-apps
In mei werd de populaire sport-app Runkeeper op de vingers getikt door de Noorse privacywaakhond. Die zei dat de app sporters continu volgt en gegevens doorverkoopt. Het volgen was volgens Runkeeper een fout die snel is hersteld.

Het was niet de eerste keer dat een sport-app de aandacht trok van een privacywaakhond. Vorig jaar november kreeg Nike kritiek van de Autoriteit Persoonsgegevens. De app zou te weinig informatie geven over wat hij met gebruikersdata doet. Het sportmerk beloofde verbetering.

Bron; NOS.nl


Kies jouw sportpro